Persbericht

Houden of doen.

Van een pakketbezorger krijg ik op mijn werk elke dag als groet “jongens, afstand!”.  Een leuke groet, die ik ook overgenomen heb. Het herinnert je elke dag op een mooie manier aan de afstand en de situatie waarin wij zitten.

 

Wanneer het woord ‘afstand’ vaker op een dag gebruikt wordt, ga je er ook anders naar luisteren en ga je het ook beter verstaan. Het is goed om nu afstand te houden. Een bewuste actie, die zelfs het veiligst is en laat zien dat je om je medemens geeft. We moeten er niet aan denken dat we nog maanden afstand van elkaar moeten houden. Wie mist al die contacten niet? Elkaar ontmoeten in de kerk, een vereniging of gewoon op visite bij familie of vrienden.

 

Het afstand houden zorgt ervoor dat we juist heel betrokken raken op onze omgeving en de ontwikkelingen in ons eigen land. Het lijkt zelfs of het leed van de hele wereld wat meer op afstand is komen te staan. Dit wil natuurlijk niet zeggen dat er geen oog meer is voor het leed van anderen in de wereld.

Zo diende GroenLinks afgelopen raadsvergadering een motie in om juist in deze tijd weeskinderen uit kampen op Griekse eilanden op te vangen in Vlaardingen. Kinderen op grote en zorgelijke afstand van normale levensbehoeften. Als CU-SGP fractie hebben wij besloten om niet met deze motie in te stemmen, omdat de staatssecretaris heeft aangegeven miljoenen euro’s beschikbaar te stellen om juist hulp op afstand te kunnen bieden.

 

Jammer dat de collega’s van GroenLinks niet wilde luisteren naar deze argumentatie en juist de christelijke partijen in een column heeft verweten afstand te doen van naastenliefde. Het ligt er maar aan hoe je kijkt naar hulp of omzien naar elkaar. Sinds wanneer is hulp op afstand geen hulp of naastenliefde meer? Van hun uitspraak neem ik daarom afstand.

Wij zien nu in onze maatschappij dat afstand houden juist uit naastenliefde en bescherming wordt gedaan.

Voorlopig een goede gedachte zolang we maar geen afstand van elkaar doen.

 

Geen afstandelijke groet, maar met  vriendelijke groet op afstand,

 

Erik van Pienbroek