Art. 36 vragen

Vragen gemeentelijk onderzoek WMO beleid

Betreft: Vragen art. 36 RvO

“Onderzoek gemeentelijk WMO-beleid”

Vlaardingen, 8 september 2016

Geacht college,

Afgelopen mei bepaalde de Centrale Raad van Beroep na drie rechtszaken dat gemeenten onder

de Wmo de huishoudelijke hulp moeten leveren die nodig is. Dinsdag 6 september presenteerde de

FNV de uitkomsten van het onderzoek gemeentelijk WMO-beleid http://www.fnvvoorzorg.nl/wmo.

Daaruit blijkt dat ook Vlaardingen zich niet aan de uitspraak van de rechter houdt.

De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is erop gericht dat mensen zo lang mogelijk thuis

kunnen blijven wonen. De wijzigingen door de Rijksoverheid in die wet (scheiden wonen en zorg,

cliënten korten op uren en 40 miljoen euro bezuiniging op uren van thuiszorgmedewerkers), moeten

vanaf januari 2015 door gemeenten worden uitgevoerd, wat in de praktijk leidt tot grote problemen.

Zo stelt het onderzoek dat: 'Gemeenten dit doen (korten op uren) onder het mom van bezuinigingen

uit Den Haag’. Maar inmiddels is door acties een groot deel van de bezuinigingen weer

teruggedraaid. Uit onderzoek blijkt dat gemeenten zelfs geld over hebben voor huishoudelijke zorg,

minimaal 310 miljoen euro.'

Het rapport stelt (blz. 143) dat Vlaardingen (MVS) handelt in strijd met wet- en regelgeving en

recente jurisprudentie in de uitvoering van het Persoonsgebonden budget (Pgb).

Zo mag de keuzevrijheid van besteding van het persoonsgebonden budget (Pgb) niet worden

beperkt, terwijl in Vlaardingen met een Pgb geen zorg mag worden ingekocht bij een

gecontracteerde zorgaanbieder. Een dergelijke weigering van een persoonsgebonden budget is

niet toegestaan, omdat het doel van een Pgb is, volledige keuze vrijheid in de zorgverlener.

Ook Resultaatgerichte financiering/Resultaat gericht indiceren door de zorgaanbieder is niet

toegestaan. Het college heeft de taak om de rechten en de plichten van de cliënt vast te stellen, dus

ook de omvang van de indicatie. De gemeente moet zelf specifiek de taak, de frequentie en de tijd

van de hulp bepalen en vastleggen in een beschikking.

Verder heeft Staatssecretaris Martin van Rijn in een brief alle gemeenten opgeroepen zich te

houden aan de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep.

De fracties van AOV, VV2000/Leefbaar Vlaardingen, SBV, CU/SGP, ONS.Vlaardingen, hebben

hierover de volgende vragen.

1. Vlaardingen indiceert volgens het onderzoek resultaatgericht, wat volgens de rechter niet is

toegestaan. Hierover stelde het AOV in de raadsvergadering van 26 mei 2016 vragen.

Op basis van de uitkomst van het FNV onderzoek dus nogmaals de vraag, gaat het college de

uitgevoerde her-indicering opnieuw beoordelen? Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet?

2. Hoe verhoudt zich de uitspraak van het college ‘Iedereen die hulp/zorg nodig heeft krijgt die

hulp/zorg’ tot de uitkomsten van het onderzoek / de jurisprudentie?

3. Gaat u gehoor geven aan de oproep van de staatssecretaris? Zo ja, binnen welke termijn en op

welke manier? Zo nee, waarom niet?

4. Waarom heeft u hierover niet eerder proactief gecommuniceerd met de gemeenteraad?

5. De onderzoeker van het FNV-rapport beveelt aan om de voorlichting rond huishoudelijke hulp te

herzien en te verbeteren, zodat de hulpbehoevende burger direct online of in folders kan zien wat

het beleid rond huishoudelijke hulp is. Bent u bereid deze aanbeveling uit te voeren? Zo nee,

waarom niet?

6. Wat is in het algemeen uw reactie op de genoemde resultaten ten aanzien van de gemeente

Vlaardingen (MVS)?

7. Staatssecretaris Martin van Rijn heeft alle gemeenten in een brief (d.d. 2 september 2016)

opgeroepen zich te houden aan de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Bent u, n.a.v. dit

onderzoek en de oproep van de staatssecretaris, voornemens om het WMO-beleid aan te passen?

Met belangstelling zien ondergetekende fracties uw beantwoording tegemoet, met het verzoek deze

beantwoording voor 10 oktober 2016 te doen toekomen, waarvoor bij voorbaat dank.

Namens de fracties,

Algemeen Ouderen Verbond D. de Jong

VV2000/Leefbaar Vlaardingen I.M. Somers-Gardenier

Stadsbelangen Vlaardingen A. Brouwer

ChristenUnie/SGP E. Heijndijk-van der Veer

ONS.Vlaardingen F. Hoogendijk