Art. 36 vragen

Koopzondagen Ontheffing t.b.v. bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard

Geacht College,

Op 24 mei jl. heeft de ChristenUnie/SGP-fractie kennis genomen van het “gewijzigde aanwijzingsbesluit koopzondagen en feestdagenopenstellingen 2011 vanaf april 2011”, waarin u op dringend verzoek van Minister Verhagen (en natuurlijk van onze fractie) het aantal koopzondagen heeft moeten reduceren tot het wettelijk toegestane maximum aantal van 12.
Het heeft lang geduurd maar uiteindelijk heeft ook Vlaardingen een regeling, die in overeenstemming is met de landelijke regelgeving op het gebied van de Winkeltijden…….. dachten wij.



Echter wat schetst onze verbazing. Bij het gewijzigde aanwijzingsbesluit heeft u tevens een totaal nieuw ontheffingsbesluit zon- en feestdagenregeling opgesteld. Hierin geeft u aan de winkeliers van het Stadshart de ontheffing om op zondag 27 november, 11 en 18 december open te zijn en aan de winkeliers van de woonboulevard en overige bedrijfsterreinen ontheffing om op Hemelvaartsdag en Tweede Pinksterdag open te zijn. Wederom een buitenwettelijke
U-bochtconstructie om meer dan 12 zondagen open te zijn?

Nog niet eerder heeft u de raad op de hoogte gebracht van het voornemen van een dergelijk ontheffingsbesluit, laat staan van de ingediende verzoeken hiertoe van de betreffende ondernemers.
Niet tijdens de commissie- en raadsvergadering of in raadsmemo’s heeft u enige informatie gegeven over toepassing van deze door u plotseling gewenste ontheffing. Zelfs niet in de laatste raadsvergadering van 12 mei jl., waarin onze fractie wethouder Kalf tijdens het vragenhalf uur expliciet heeft gevraagd of het nu in Vlaardingen echt blijft bij het maximum aantal van 12 koopzondagen.

Doordat u de raad niet in een vroeg tijdig stadium op de hoogte heeft gebracht van dit besluit, hebben wij geen mogelijkheid gehad om u te wijzen op het feit dat ook dit ontheffingsbesluit waarschijnlijk NIET in overeenstemming is met de Winkeltijdenwet. Relevant hierbij is de juridische uitleg van het begrip “bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard”. Aangezien ons tot nu toe niet is gebleken dat de ontheffing ondersteunend is aan activiteiten of festiviteiten die op betrokken dagen plaatsvinden om de viering van bijv. Hemelvaart of Pinksteren luister bij te zetten, heeft u uw ontheffingsbevoegdheid volgens ons enkel en alleen gebruikt om generiek extra koopzon- en feestdagen te creëren boven het maximum waarvoor op basis van de winkeltijdenverordening vrijstelling kan worden verleend1. U bent toch niet werkelijk van mening dat Hemelvaart, Pinksteren, Sinterklaas en Kerst slechts feestdagen van tijdelijk aard zijn, die volgend jaar niet meer gevierd worden?


In deze context stellen wij u de volgende vragen:

  1. Bent u het met ons eens dat de raad op geen enkele wijze vooraf is geïnformeerd over dit ontheffingsbesluit en dat de raad daardoor per omgaande de volledig onderbouwde verzoeken tot ontheffing van alle desbetreffende winkeliers dient te ontvangen?
  2. Kunt u een motivering per dag geven hoe u tot het besluit bent gekomen dat hier sprake is van een bijzondere gelegenheid van tijdelijke aard ter ondersteuning van een festiviteit die van bepaalde betekenis is en waar Vlaardingers op afkomen?
  3. Waarom heeft u niet direct tijdens het opstellen van de nieuwe Winkeltijdenverordening gekozen om gebruik te maken van uw ontheffingsbevoegdheid?  En heeft de uitspraak van minister Verhagen daar enig invloed op gehad?
  4. Heeft u in deze vooraf contact gehad met de ambtenaren van het Ministerie van Economische Zaken en zo ja wat was hun mening over de toepassing van het ontheffingsbesluit?
  5. Heeft u de minister op de hoogte gebracht van het ontheffingsbesluit om zodoende alsnog meer dan de 12 wettelijke toegestane koopzondagen te realiseren in Vlaardingen, dit omdat in uw brief aan de minister niet expliciet melding is gemaakt van het ontheffingsbesluit?
  6. Waarom bent u zo volhardend in uw pogingen om toch maar meer dan de wettelijk toegestane 12 koopzondagen te realiseren in Vlaardingen, als juist landelijk gezien een initiatiefvoorstel van Groenlinks en D66 hiertoe zeer recentelijk door een meerderheid van de Tweede Kamer is afgewezen?



Wij zien uw antwoord met belangstelling tegemoet.

Namens de ChristenUnie/SGP-fractie,

Esther Heijndijk – Van der Veer