Art. 36 vragen

ChristenUnie/SGP Vlaardingen stelt vragen over overschotten op het WMO-budget

Aan het College van Burgemeester en Wethouders

Vlaardingen, 7 mei 2016


Betreft: Vragen art. 36 RvO

“Overschotten op het WMO-budget”


Geacht College van burgemeester en wethouders,


Afgelopen week was in diverse berichtgeving te lezen dat vele gemeenten in 2015 geld over hebben

gehouden aan de uitvoering van taken in het sociaal domein. Zo ook in BinnenlandsBestuur van

afgelopen week: “Wat de budgetten voor de nieuwe WMO-taken betreft, heeft ruim de helft van de

gemeenten aan het eind van de rit zelfs een overschot van 15 procent of meer ten opzichte van de

begroting”. Uit onderzoek blijkt dat die overschotten al gauw in de miljoenen kan lopen.

Uiteraard behoeft het geen probleem te zijn wanneer er geld wordt overgehouden; andersom is erger.


Echter het belangrijkste is wel of aan de diverse hulpvragen op een goede manier is voldaan.

In dit verband willen wij u graag de volgende vragen stellen.


1) Bent u bekend met de berichtgeving over de overschotten binnen de uitvoering van het

sociaal domein?

2) Is er binnen gemeente Vlaardingen sprake van een dergelijk overschot? Zo ja, op welk

onderdeel dan, bijvoorbeeld bij de uitvoering van de WMO-taken of bij de jeugdzorg?

Uit het onderzoek blijkt tevens dat met name de gemeentelijke uitgaven voor huishoudelijke

hulp redelijk tot fors binnen de perken is gebleven. Na de rijkskorting van 32% houdt twee op

de drie gemeenten geld over op deze post.

3) Geldt dit voor de gemeente Vlaardingen ook? Zo ja, hoeveel?

4) Kunt u redenen aangeven waarom er sprake is van een dergelijk overschot? Of indien er

sprake is van een tekort, waarom dit zo is?

5) Indien er sprake is van een overschot kunt u dan aangeven of deze gelden dan beschikbaar

blijven voor toekomstige uitgaven binnen het werkveld van de uitvoering van de WMO-taken

of anders beschikbaar blijven binnen de reserves van het totale sociale domein?

De ChristenUnie/SGP-fractie vraagt zich af, als er inderdaad sprake is van een overschot bij

de uitvoering van de WMO-taken, of er dan minder zorgverlening is gerealiseerd of zorgtaken

zijn blijven liggen ten opzichte van de veronderstelde hulpvraag in 2015.

6) Kunt u deze redenering volgen en heeft u signalen/klachten van bewoners ontvangen dat er

onvoldoende zorg of kwalitatief minder goede hulp is ontvangen, waardoor de veiligheid,

leefbaarheid of gezondheid van bewoners het afgelopen jaar in het gedrang is gekomen? Of

dat inwoners wegens financiële redenen af hebben gezien van noodzakelijke hulp of

ondersteuning?

7) Wat zijn uw (financiële) verwachtingen voor 2016 t.a.v. de uitvoering van de WMO-taken?


De ChristenUnie/SGP-fractie ziet met belangstelling uw beantwoording tegemoet.


Met vriendelijke groeten,


Namens de ChristenUnie/SGP-fractie,

Esther Heijndijk – van der Veer